Beter Leven boeren hebben plezier in hun werk

21 februari 2013

Steeds meer boeren en ketenpartijen kiezen ervoor om voor het Beter Leven kenmerk van de Dierenbescherming te produceren. Tot nu toe was echter niet duidelijk hoe zij het kenmerk ervaren en wat hun intenties zijn. Het Landbouw Economisch Instituut (LEI) deed er onderzoek naar. En wat blijkt? Produceren voor het kenmerk geeft plezier in het werk en vermindert het antibioticagebruik bij de dieren.

Het Beter Leven kenmerk doet het uitstekend, zo blijkt opnieuw uit onderzoekresultaten van LEI Wageningen UR over 2012. Maar hoe ervaren boeren en ketenpartijen het kenmerk en wat zijn hun intenties om te blijven of te gaan produceren voor Beter Leven?

Om antwoord op deze en andere vragen te krijgen, interviewde het LEI een aantal boeren, die produceren voor het kenmerk met een verschillend aantal sterren. Daarnaast werd er gesproken met de Dierenbescherming en de slachterijen die produceren voor Beter Leven. Ook werd er een telefonische enquête gehouden onder gangbare kuikenhouders en kuikenhouders die produceren voor één ster van het kenmerk.

 

Het onderzoek laat zien dat er veel verschillen zijn tussen de laatste twee groepen. Zo beschikken de boeren die produceren voor Beter Leven over het algemeen over minder stallen en kuikens en hebben zij vaker een inkomen buiten de agrarische sector. Hoewel gangbare boeren aangaven niet van plan te zijn om binnen drie jaar voor Beter Leven te gaan produceren, vertelden veel van hen dat ze wel willen omschakelen wanneer er meer vraag naar Beter Leven producten is. Verder bleek dat Beter Leven boeren minder antibiotica gebruiken, plezier hebben in hun werk en ervan overtuigd zijn dat hun productiemethode beter is voor het welzijn en de gezondheid van de kuikens.