Beter Leven keurmerk & de EmpCo‑richtlijn
De Europese Richtlijn ‘Empowering Consumers for the Green Transition’ (Richtlijn 2024/825, ‘EMPco Richtlijn’) beschermt consumenten tegen misleidende duurzaamheidsclaims en stelt nieuwe eisen aan keurmerken. De Dierenbescherming staat positief tegenover deze richtlijn, die een einde maakt aan vage claims, bedrijfslogo’s die worden gepresenteerd als duurzaamheidsclaim of keurmerk, en keurmerken zonder onafhankelijke borging. Hierdoor wordt het kaf van het koren gescheiden en kunnen consumenten robuuste en goed ingerichte keurmerken beter herkennen. De richtlijn verhoogt hiermee indirect ook de merkwaarde van keurmerken.
De EMPco Richtlijn classificeert dierenwelzijn als een sociaal kenmerk van duurzaamheid. De richtlijn is daarmee van toepassing op het Beter Leven keurmerk, waaronder op de werkwijze van het keurmerk, het gebruik van het logo en de toelichting op de sterren per diersoort. Dankzij onafhankelijke certificering, openbare en transparante criteria en een duidelijke focus op dierenwelzijn verwachten we dat het keurmerk en informatie hierover voldoet aan de richtlijn.
De Dierenbescherming bekijkt momenteel hoe de huidige werking van het keurmerk zich verhoudt tot de nieuwe regels. Dit geldt ook voor informatie en claims over de sterren per diersoort. Waar blijkt dat dit nodig is, zal de Dierenbescherming de werking van het keurmerk en haar publiekscommunicatie op enkele onderdelen aanscherpen om nog beter aan de EMPco Richtlijn tegemoet te komen.
Hieronder volgt puntsgewijs uitleg over de EMPco Richtlijn en toepassing op het Beter Leven keurmerk.
Over de EMPco-Richtlijn
De EMPco Richtlijn beoogt een sterkere basis te leggen om misleiding op het gebied van duurzaamheidscommunicatie te voorkomen. Het reguleren van duurzaamheidsclaims was al onderdeel van de Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken (Richtlijn 2005/29, van kracht sinds 2005). Deze Richtlijn Oneerlijke Handelspraktijken is gewijzigd met de EMPco Richtlijn.
De EMPco Richtlijn stelt aanzienlijk strengere eisen aan duurzaamheidsclaims en duurzaamheidskeurmerken. Per 27 september 2026 kunnen de regels op grond van Nederlandse wetgeving worden toegepast door alle nationale toezichthouders. In Nederland is de Autoriteit Consument en Markt (ACM) de toezichthouder op deze wetgeving.
Verbod absolute milieuclaims
De richtlijn verbiedt algemene milieuclaims zonder stevige onderbouwing.
De EMPco Richtlijn verbiedt het gebruik van absolute milieuclaims, zoals ‘duurzaam’, ‘milieuvriendelijk’ of ‘groen’ als deze niet direct bij de claim specifiek zijn gemaakt. Dit voorkomt overdrijving en misleiding. Consumenten moeten direct in de claim kunnen zien waar het over gaat. Dit verbod gaat dus alleen over milieuclaims.
Gebruik van specifieke in plaats van absolute claims over dierenwelzijn
Ook ten aanzien van sociale kenmerken, waaronder dierenwelzijn, stelt de EMPco Richtlijn dat
consumenten niet mogen worden misleid. In principe gelden dezelfde kaders ten aanzien van milieuclaims ook voor claims over dierenwelzijn. Dit betekent concreet dat alle claims zo specifiek mogelijk moeten zijn en goed zijn onderbouwd. Absolute en vage claims ook ten aanzien van dierenwelzijn worden al snel als misleidend gezien.
De Dierenbescherming geeft zo volledig en duidelijk mogelijk informatie over het gebruik en de toepassing van de 1, 2 en 3 sterren per diersoort, die de basis vormen van het keurmerk. Uitleg over de betekenis van het Beter Leven keurmerk en de sterren per diersoort en diercategorie is beschikbaar op onze website.
Om toegankelijk en begrijpelijk te blijven voor consumenten, blijft de Dierenbescherming de onderbouwing van haar eigen communicatie verder versterken. De Dierenbescherming zorgt daarbij voor zorgvuldige toetsing van de gebruikte claims aan de normen van de gewijzigde EMPco Richtlijn. Waar nodig worden claims hierop aangepast.
Nieuwe regels voor duurzaamheidskeurmerken
De EMPco Richtlijn stelt strengere eisen voor het gebruik van duurzaamheidskeurmerken. Zo mag een duurzaamheidskeurmerk alleen worden gebruikt als deze is gebaseerd op een certificeringsregeling. Deze regeling moet openstaan voor alle bedrijven die aan de eisen kunnen voldoen, onder eerlijke en transparante voorwaarden. De eisen worden opgesteld door de eigenaar van de regeling, in overleg met experts en betrokken partijen. Daarnaast moeten er duidelijke procedures zijn om overtredingen aan te pakken, zoals het schorsen of intrekken van het keurmerk. Verder moet de controle op naleving worden uitgevoerd door een onafhankelijke derde partij die werkt volgens erkende standaarden (zoals ISO 17065) en geen banden heeft met de eigenaar of het bedrijf.
Toepassing op het Beter Leven keurmerk
We verwachten dat het Beter Leven keurmerk in lijn is met de nieuwe vereisten, gezien de normen die worden gehanteerd voor het Beter Leven keurmerk en de onafhankelijke controle erop. We lichten dit kort toe.
Nadat criteria voor het Beter Leven keurmerk in concept zijn opgesteld worden ze in openbare raadpleging gebracht en kunnen deelnemers, ketenpartijen, maar ook andere belanghebbenden als kennisinstellingen hierop reageren. De bestuurder van de Dierenbescherming stelt de criteria vast. Hierna worden deelnemers op de vastgestelde Beter Leven keurmerk criteria gecontroleerd. Alle criteria per diersoort zijn te raadplegen via zowel de website van Stichting Beter Leven keurmerk als de consumentenwebsite.
Het Beter Leven keurmerk werkt met onafhankelijke, geaccrediteerde certificatie-instellingen voor de uitvoering van controles die zowel periodiek als jaarlijks worden uitgevoerd. Naast de reguliere aangekondigde jaarlijkse controles vinden aanvullende controles plaats op basis van een risicoanalyse, bijvoorbeeld in sectoren met een verhoogd risico of naar aanleiding van signalen. Bij vleesverwerkende bedrijven traceren CI’s het product door de gehele keten om te controleren of het voldoet aan de Beter Leven-criteria. Deze controles worden zowel aangekondigd als onaangekondigd uitgevoerd. Daarbij zijn verschillende waarborgen ingericht voor consistente en zorgvuldige toetsing. Indien aan één of meerdere criteria niet wordt voldaan of afwijkingen worden geconstateerd, dan volgen er passende maatregelen, zoals een herstelinspectie, schorsing of uitsluiting.
In het licht van de gewijzigde Richtlijn OHP onderzoekt de Dierenbescherming verder hoe deze werkwijze zich verhoudt tot alle vereisten, en of er nog bepaalde wijzigingen in dit systeem moeten worden doorgevoerd.
Geldige certificering
Het keurmerk mag alleen worden gevoerd als het product aantoonbaar gecertificeerd is.
Hieraan voldoet het Beter Leven keurmerk. Aan de hand van een ingangscontrole en toetsing of aan alle eisen wordt voldaan, mag het keurmerk worden toegekend. Bedrijven mogen het Beter Leven keurmerk logo alleen voeren met een geldig BLk-certificaat en registratie in het officiële BLk-register.
Informatie moet gemakkelijk vindbaar zijn
De EmpCo-richtlijn stelt dat keurmerken duidelijk moeten uitleggen waarvoor het label staat.
De Dierenbescherming geeft zo goed mogelijk duiding aan het sterrensysteem dat geldt als basis voor het keurmerk. Uitleg over de betekenis van de Beter Leven keurmerk sterren per diersoort en hoe we hierop laten controleren staat beschreven op onze website. Om toegankelijk te blijven voor consumenten past de Dierenbescherming de komende periode nog onderbouwingen toe om de consumentenvoorlichting verder te verbeteren.